Relatie bemiddelaar-aanbieder
De financiŽle relatie tussen bemiddelaar en aanbieder vormde de sterkste band tussen de businesspartners. Recent is er veel veranderd in de beloningsregels. Zie daarvoor de afdeling 'Beloning' in deze Kennisportal.

De invoering van de Wft heeft de regels met betrekking tot het portefeuillerecht en de premie-incasso niet gewijzigd.

De Wft verbiedt de bemiddelaars om zaken te doen met aanbieders die niet zijn ingeschreven in het register van de AFM. Andersom geldt dat trouwens ook: De aanbieder mag geen orders ontvangen van een bemiddelaar die geen vergunning bezit die betrekking heeft op het betreffende vakgebied.

Een belangrijke regel inzake de verhouding tussen aanbieder en bemiddelaar betreft de onderlinge afhankelijkheid: men moet daar waar nodig elkaar over en weer in staat stellen aan de Wft-regels te kunnen voldoen.

Regels over de verhouding tussen aanbieder en bemiddelaar zijn ook van toepassing op die tussen de (onder)gevolmachtigde agent en de bemiddelaar en tussen de bemiddelaar en de onderbemiddelaar.
De bemiddelaar is verantwoordelijk voor een door hem ingeschakelde onderbemiddelaar. De aanbieder heeft alleen verplichtingen uit de rechtstreekse relatie die hij met de bemiddelaar onderhoudt.

Gescheiden verantwoordelijkheid
In de relatie tussen aanbieder en bemiddelaar staat de eigen, gescheiden verantwoordelijkheid voorop. De advies- en bemiddelingsaansprakelijkheid ligt volledig bij de intermediair en kan die doorgaans niet afwentelen op de aanbieder. De adviseur kent de klant zijn persoonlijke omstandigheden. Hij heeft een vergunning en is dus voldoende deskundig om de draagwijdte van zijn advies te overzien en is op de hoogte van de kenmerken van in aanmerking komende producten.
Een uitzondering hierop vormt de verbonden bemiddelaar, die 'op de vergunning van de aanbieder' meelift. De aanbieder is verplicht ervoor zorg te dragen dat de verbonden bemiddelaar de regels naleeft en draagt daarvoor de verantwoordelijkheid.